Uitspraak
200907162/1/T1/H1(hierna: de tussenuitspraak), heeft de Afdeling het college opgedragen om binnen zestien weken na de verzending van deze uitspraak:
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Echt-Susteren verleende aanvankelijk op 13 mei 2008 een vrijstelling en bouwvergunning voor het verbouwen van een woning tot een hondenpension in Sint Joost. Na bezwaar van belanghebbenden herzag het college dit besluit op 4 december 2008 en weigerde de vrijstelling en vergunning. De rechtbank Roermond verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak constateerde dat het college in het besluit van 4 december 2008 onvoldoende had gemotiveerd waarom geen vrijstelling op grond van artikel 19 van Pro de Wet op de ruimtelijke ordening (WRO) werd verleend. Na een aanvullende motivering door het college in oktober 2010 oordeelde de Afdeling dat de weigering van de vrijstelling voldoende was gemotiveerd vanwege strijd met het bestemmingsplan en het provinciaal omgevingsplan.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Deze uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke motivering bij weigering van vrijstelling en bouwvergunningen, en bevestigt dat de rechtsgevolgen van een besluit ondanks vernietiging in stand kunnen blijven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit blijven in stand.