Uitspraak
200904677/1) te beschouwen als een onafhankelijke deskundige op het gebied van planschade. Het college mag in beginsel dan ook op een door de SAOZ uitgebracht advies afgaan. Dit is slechts anders indien moet worden geoordeeld dat het advies van de SAOZ onzorgvuldig tot stand is gekomen of dat daaraan anderszins ernstige gebreken kleven. De rechtbank heeft terecht overwogen dat [appellanten] geen concrete omstandigheden hebben aangevoerd op grond waarvan moet worden geoordeeld dat het advies van de SAOZ van juni 2009 niet als onpartijdig of onafhankelijk is aan te merken. Het betoog faalt derhalve.
200900152/1) is in artikel 49, eerste lid, van de WRO limitatief bepaald welke besluiten aan een planschadeverzoek ten grondslag kunnen worden gelegd. De weigering van een bouwvergunning wordt in die bepaling niet genoemd, zodat, naar de rechtbank met juistheid heeft overwogen, de weigering bouwvergunningen te verlenen voor een ligboxenstal, kuikenschuren en woning op het perceel [locatie 1] in beginsel geen grond kan opleveren voor vergoeding van planschade. Naar de rechtbank evenzeer met juistheid heeft overwogen, kan dat anders zijn, als de weigering gerelateerd is aan elkaar opvolgende planologische regimes die nadeliger uitvallen. Ter beantwoording ligt derhalve voor, de vraag of, nadat [appellanten] eigenaren zijn geworden van het perceel aan de [locatie 1], een wijziging van het planologische regime heeft plaatsgevonden waardoor de gevraagde bouwvergunningen zijn geweigerd, terwijl die onder het voorheen geldende planologische regime wel zouden zijn verleend.