ECLI:NL:RVS:2010:BO6336
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onzorgvuldig besluit over weigering aanbod verblijfsvergunning wegens ontbrekende burgemeestersverklaring
De zaak betreft een vreemdeling die bezwaar maakte tegen het niet ambtshalve doen van een aanbod op grond van de Regeling afwikkeling nalatenschap Vreemdelingenwet (oud). De vreemdeling stelde dat hij voor 1 april 2001 een asielaanvraag had ingediend, maar de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) bevestigde dit aanvankelijk niet, waardoor het pardonloket van Amsterdam zijn melding niet doorleidde.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 1 april 2009 van de staatssecretaris onzorgvuldig was voorbereid en ondeugdelijk gemotiveerd, omdat deze zich uitsluitend had gebaseerd op het ontbreken van een burgemeestersverklaring zonder rekening te houden met de onjuiste bevestiging van de IND. De minister stelde in hoger beroep dat het ontbreken van de burgemeestersverklaring terecht als beleidsvoorwaarde werd gehanteerd en dat het niet afgeven van deze verklaring een zaak was tussen gemeente en vreemdeling.
De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank. Gelet op de gedetailleerde toelichting van de vreemdeling en de onjuiste informatieverstrekking door de IND, had de staatssecretaris niet mogen volstaan met de constatering van het ontbreken van de burgemeestersverklaring. Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en de proceskosten worden aan de minister opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt ongegrond verklaard en het besluit van 1 april 2009 wordt bevestigd wegens onzorgvuldige voorbereiding en ondeugdelijke motivering.