ECLI:NL:RVS:2010:BO3443
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- J.A.A. van Roessel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sloopvergunning ondanks bezwaren over asbestverwijdering
Het college van burgemeester en wethouders van Dinkelland verleende op 13 januari 2010 een vergunning voor het slopen van vijf schuren op een perceel te [plaats]. [Appellant] maakte bezwaar tegen deze vergunning vanwege de aanwezigheid van asbesthoudende golfplaten en twijfels over de veilige verwijdering daarvan. Het college verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank Almelo bevestigde dit bij uitspraak van 8 september 2010.
[Appellant] stelde hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzitter behandelde het verzoek en oordeelde dat nader onderzoek niet nodig was en dat de zaak direct kon worden behandeld. De vergunning bevatte voorschriften voor veilige verwijdering van asbest, waaronder inzet van een gecertificeerd verwijderingsbedrijf en overleg met het Bouwtoezicht.
De voorzitter stelde vast dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat de veiligheid voldoende was gewaarborgd en dat de bezwaren van [appellant], waaronder een krantenartikel over niet-naleving van regels door asbestverwijderaars, onvoldoende concreet waren om het besluit aan te tasten. Eventuele overtredingen kunnen handhavend worden aangepakt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de sloopvergunning wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.