ECLI:NL:RVS:2010:BO1188
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W. Konijnenbelt
- S.F.M. Wortmann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit handhaving bestemmingsplan gebruik perceel en voorzieningen
Het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen legde appellante een last op om het met het bestemmingsplan strijdige gebruik van haar perceel te staken en voorzieningen te verwijderen. Het ging onder meer om een kaas- en klompenmakerij met verkoopruimte, gebruik van het achtererf, steiger en toiletvoorzieningen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en dat van tegenpartijen gegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd welke intensivering van het strijdige gebruik na de peildatum had plaatsgevonden en dat het overgangsrecht niet automatisch bescherming bood tegen elke intensivering. Ook was onduidelijk welke ruimten en oppervlakte bij de vermeende toename van de verkoopvloeroppervlakte betrokken waren. Verder kon het college niet handhavend optreden tegen het gebruik van de steiger voor rondvaartboten vanwege het ontbreken van beperkende bouwvoorschriften.
De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat het college tegen de zonder bouwvergunning aangebrachte scheidingswanden kon optreden, terwijl het college wel terecht handhavend kon optreden tegen de zonder vergunning opgerichte toiletvoorzieningen. De Afdeling vernietigde het besluit van 11 februari 2008, behalve voor het lastonderdeel over de horecagelegenheid, en herroept eerdere besluiten voor bepaalde lastonderdelen. Tevens veroordeelde zij het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante en haar vennoten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het handhavingsbesluit deels vernietigd en het college veroordeeld tot proceskostenvergoeding.