ECLI:NL:RVS:2010:BN6989
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- C.H.M. van Altena
- J.J. den Broeder
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen openbaarmaking suïcideverslag door minister
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport had op 13 december 2007 besloten tot openbaarmaking van het suïcideverslag van 18 mei 2006 naar aanleiding van een verzoek van een belanghebbende partij. De Stichting de Gelderse Roos maakte bezwaar tegen dit besluit, waarop de minister bij besluit van 26 november 2008 het bezwaar gegrond verklaarde en het verzoek tot openbaarmaking afwees.
De belanghebbende stelde beroep in tegen dit besluit bij de rechtbank 's-Hertogenbosch, die op 26 juli 2010 het beroep gegrond verklaarde, het besluit van 26 november 2008 vernietigde en het besluit van 13 december 2007 schorste tot het moment dat de termijn voor hoger beroep was verstreken. Zowel de minister als de Gelderse Roos stelden vervolgens verzoeken om voorlopige voorziening in bij de Raad van State.
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de beoordeling van de rechtbankuitspraak een grondig onderzoek vereist dat niet geschikt is voor de voorlopige voorzieningenprocedure. Gezien het spoedeisend belang van de minister en de Gelderse Roos en het ontbreken van zwaarwegende belangen van de wederpartij, werd het besluit van 13 december 2007 en de uitspraak van de rechtbank geschorst totdat het hoger beroep is beslist. Tevens werd het griffierecht aan de verzoekers terugbetaald.
Uitkomst: Het besluit van de minister tot openbaarmaking van het suïcideverslag en de schorsing door de rechtbank worden geschorst totdat het hoger beroep is beslist.