ECLI:NL:RVS:2010:BN6760
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat beëindiging categoriaal beschermingsbeleid Somalië pas bekend is gemaakt op 27 juli 2009
De zaak betreft het hoger beroep van de minister van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit van 9 juni 2009 tot afwijzing van een asielaanvraag vernietigde. De minister stelde dat het categoriaal beschermingsbeleid voor Somalië al op 19 mei 2009 was beëindigd en dat het besluit dus rechtsgeldig was. De Raad van State oordeelt dat de beëindiging van het beschermingsbeleid pas bekend is gemaakt door publicatie in de Staatscourant op 27 juli 2009, en dat eerdere communicatie zoals een brief aan de Tweede Kamer en debatten niet als geschikte bekendmaking gelden.
De Raad stelt vast dat het besluit pas op 29 juli 2009 in werking trad, twee dagen na publicatie, en dat het besluit van 9 juni 2009 bij de asielaanvraag op 2 juni 2009 dus niet van kracht was. De rechtbank heeft dit terecht beoordeeld en de minister wordt niet gevolgd in zijn betoog dat het besluit met terugwerkende kracht tot 19 mei 2009 zou gelden. De grief van de minister faalt daarmee.
De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van €437,00 aan de vreemdeling. Hiermee wordt de rechtszekerheid en het vertrouwensbeginsel gewaarborgd ten aanzien van de bekendmaking van bestuursbesluiten.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het besluit tot beëindiging van het categoriaal beschermingsbeleid pas op 27 juli 2009 bekend is gemaakt en het besluit van 9 juni 2009 daardoor niet van kracht was bij de asielaanvraag.