ECLI:NL:RVS:2010:BN6180
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- T.M.A. Claessens
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boete arbeid vreemdelingen na werkzaamheden aan zeeschip
De minister legde op 31 oktober 2006 een boete van €104.000,- op aan [appellante sub 2] wegens het laten verrichten van arbeid door vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning op een zeeschip in Den Helder. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit deels. Zowel de minister als [appellante sub 2] gingen in hoger beroep.
De Raad voor de Rechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en overwogen dat de vrijstellingen in het Besluit uitvoering Wav deels van toepassing zijn, met name voor vreemdelingen die schepelingendienst verrichten. De werkzaamheden van sommige vreemdelingen vielen niet onder deze vrijstellingen, terwijl voor anderen onvoldoende was vastgesteld of zij onder schepelingendienst vielen.
De Raad vernietigde de eerdere besluiten en stelde de boete vast op €56.000,-. Tevens veroordeelde de Raad de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering en correcte toepassing van vrijstellingen in de Wet arbeid vreemdelingen.
Uitkomst: De boete wordt vastgesteld op €56.000,- met gedeeltelijke vrijstellingen en de eerdere besluiten worden vernietigd.