Uitspraak
200903949/1) mag het recht op toegang tot de rechter worden beperkt en is dat niet in strijd met artikel 6 van Pro het EVRM mits de beperkingen niet in essentie het recht op toegang tot de rechter schaden, een gerechtvaardigd doel dienen en proportioneel zijn. Mede met het oog op een financiële beheersbaarheid van het systeem van rechtsbijstandverlening moet het gerechtvaardigd worden geacht rechtsbijstandskosten voor rekening van een rechtzoekende te laten als de inkomens- of vermogensgrens van de Wrb wordt overschreden. De advocaat van [appellant] heeft ter zitting verklaard dat de afgewezen toevoeging niet heeft geleid tot het staken van de procedure waarop de toevoegingsaanvraag ziet, aangezien zijn honorarium nog wel ten dele wordt betaald en [appellant] sinds lange tijd een cliënt van hem is. Gelet daarop en omdat aannemelijk is dat [appellant] tezijnertijd, als de boedel is verdeeld en de beslagen zijn opgeheven, wel over zijn vermogen kan beschikken, is er geen aanleiding te concluderen dat [appellant] onevenredig door toepassing van artikel 34, tweede lid, van de Wrb, wordt getroffen of het recht op toegang tot de rechter in essentie wordt aangetast.