ECLI:NL:RVS:2010:BM4960
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- H. Borstlap
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning voor melkrundveehouderij wegens onvoldoende motivering geluidgrenswaarden
Het college van burgemeester en wethouders van Coevorden verleende op 3 juni 2009 een milieuvergunning voor het oprichten en in werking hebben van een melkrundveehouderij met een mestbassin. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning en stelden meerdere beroepsgronden aan de orde, waarvan zij enkele tijdens de zitting introkken.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college terecht aannam dat het vergunde stalsysteem voldoet aan de beste beschikbare technieken, en dat de voorschriften omtrent lichthinder en geurhinder voldoende bescherming bieden. Echter, de aan de vergunning verbonden geluidgrenswaarden zijn niet deugdelijk gemotiveerd. Het college baseerde zich onterecht op een brochure bedoeld voor bestemmingsplannen in plaats van op de richtwaarden uit de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellanten. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige motivering bij het vaststellen van geluidgrenswaarden in milieuvergunningen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de milieuvergunning wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering van de geluidgrenswaarden.