Uitspraak
200905893/1/H1, ter zitting behandeld op 29 maart 2010, waar vergunninghoudster, vertegenwoordigd door mr. J.H.A. van der Grinten, advocaat te Amsterdam, de verenigingen, vertegenwoordigd door mr. H.A. Sarolea, advocaat te Amsterdam en het dagelijks bestuur, vertegenwoordigd door mr. M.L.M. Lohman, werkzaam bij Brakenhoff/Lohman Juristen te Amsterdam, zijn verschenen.
200902244/1/H1) kan er in een geval als het onderhavige, waarin een besluit wegens het ontbreken van een deugdelijke motivering is vernietigd, mede gelet op de beleidsvrijheid waarover het bestuursorgaan beschikt, uit een oogpunt van proceseconomie aanleiding zijn om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten indien het bestuursorgaan vasthoudt aan zijn besluit en alsnog de vereiste motivering kenbaar maakt en de andere partijen zich daarover in voldoende mate hebben kunnen uitlaten. Daarbij is beslissend of de inhoud van het vernietigde besluit na de alsnog kenbaar gemaakte motivering de rechterlijke toets kan doorstaan.