ECLI:NL:RVS:2010:BL3979
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- H. Troostwijk
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep vreemdeling inzake verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie wees op 14 oktober 2008 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af, omdat deze geen documenten kon overleggen ter staving van zijn asielrelaas en het ontbreken daarvan niet aannemelijk kon maken.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, maar de staatssecretaris stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank onvoldoende had gemotiveerd waarom het standpunt van de staatssecretaris niet redelijk zou zijn, met name ten aanzien van het ontbreken van documenten en de geloofwaardigheid van het relaas. De Afdeling bevestigde dat de beoordeling van geloofwaardigheid primair aan de staatssecretaris toekomt en dat diens oordeel slechts terughoudend getoetst kan worden.
De Afdeling concludeerde dat het relaas van de vreemdeling tegenstrijdigheden, vaagheden en ongerijmde wendingen bevatte, en dat het ontbreken van documenten positief overtuigingskracht ontbrak. Daarom verklaarde de Afdeling het beroep van de vreemdeling ongegrond en vernietigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.