ECLI:NL:RVS:2010:BL3349
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over handhaving bestrating in strijd met bestemmingsplan Cuijk
Het college van burgemeester en wethouders van Cuijk had aan appellant sub 1 gelast om de bestrating op zijn perceel te verwijderen omdat deze in strijd was met het bestemmingsplan. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant sub 1 gegrond en vernietigde het besluit van het college. Zowel appellant sub 1 als appellant sub 2 stelden hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State overwoog dat de bestrating inderdaad in strijd is met het bestemmingsplan, maar dat het college bevoegd was handhavend op te treden. Echter, handhavend optreden kan achterwege blijven indien dit onevenredig is in verhouding tot de te dienen belangen. De rechtbank had geoordeeld dat handhaving ten aanzien van het driehoekige gedeelte van de bestrating onevenredig was, omdat dit de bereikbaarheid van het achterterrein nauwelijks beperkt en er geen aantoonbare belangen van appellant sub 2 worden geschaad.
Appellant sub 1 voerde aan dat er concreet zicht was op legalisatie door een aangekondigde wijziging van het bestemmingsplan, maar de Raad van State stelde dat dit onvoldoende was omdat een ontwerp van de herziening nog niet ter inzage lag. Verder werd het betoog dat de begrenzing abusievelijk was ingetekend verworpen wegens gebrek aan nieuwe motivering.
Ten aanzien van het betoog van appellant sub 2 dat het driehoekige gedeelte niet noodzakelijk is, en het betoog van appellant sub 1 dat ook de halve cirkel niet gehandhaafd mag worden, oordeelde de Raad van State dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat handhaving van de halve cirkel niet onevenredig is. De bedrijfsvoertuigen kunnen immers ook op andere wijze keren.
De Raad van State verklaarde de hoger beroepen ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank en verklaart de hoger beroepen ongegrond.