ECLI:NL:RVS:2010:BL0273
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vaststelling authenticiteit stukken in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De vreemdelingen hadden aanvragen ingediend voor een verblijfsvergunning asiel, welke door de staatssecretaris werden afgewezen. In hoger beroep stelde de rechtbank dat de door de vreemdelingen ingebrachte stukken geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatten, mede omdat de authenticiteit niet kon worden vastgesteld door het ontbreken van referentiemateriaal.
De Raad van State oordeelde dat de vreemdelingen niet in de gelegenheid waren gesteld om de authenticiteit van de stukken aan te tonen, aangezien de originele stukken zich bij de staatssecretaris bevonden en niet ter beschikking waren gesteld. Hierdoor was het oordeel van de rechtbank onjuist, omdat de vreemdelingen in beroep alsnog de authenticiteit hadden moeten kunnen aantonen.
De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verwees de zaak terug met de opdracht om de vreemdelingen alsnog gelegenheid te bieden de authenticiteit van de stukken aan te tonen. Tevens moet de rechtbank bij het ontbreken van de stukken beoordelen welke betekenis dit heeft voor de vraag of er sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.
De proceskosten in hoger beroep werden vastgesteld op €322,00, waarvan de vergoeding door de rechtbank moet worden beslist.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor verdere behandeling met gelegenheid tot authenticiteitscontrole.