ECLI:NL:RVS:2010:BL0261
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- A.W.M. Bijloos
- S.J.E. Horstink von Meyenfeldt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergoeding legeskosten voor verblijfsvergunning bij in buitenland geboren kind
De vreemdeling had beroep ingesteld tegen de afwijzing van een verzoek om vergoeding van legeskosten door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa). De rechtbank had geoordeeld dat de uitzondering op het niet-vergoeden van legeskosten, zoals opgenomen in artikel 17, zesde lid, aanhef en onder c, van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (Rva 2005), alleen van toepassing is op in Nederland geboren kinderen van statushouders.
De vreemdeling voerde aan dat deze uitzondering ook zou moeten gelden voor kinderen die in het buitenland zijn geboren, omdat de wetgever dit anders had moeten regelen. De Raad van State oordeelde dat de uitleg van het COa, die aansluit bij het beleid van de minister en de wettelijke tekst, juist is. De uitzondering geldt uitsluitend voor in Nederland geboren kinderen, zoals ook blijkt uit de toevoeging van lid d aan artikel 17, zesde lid, van de Rva 2005.
Daarmee is de klacht van de vreemdeling ongegrond en wordt het hoger beroep verworpen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot vergoeding van legeskosten wordt bevestigd.