ECLI:NL:RVS:2009:BK8692
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens procedurele tekortkoming en beoordeling veiligheidssituatie Nineveh
De vreemdeling vroeg een verblijfsvergunning asiel aan, welke door de staatssecretaris op 26 augustus 2009 werd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris het voornemen tot afwijzing had moeten herzien en een nieuw voornemen had moeten uitbrengen, omdat hij in het definitieve besluit een ander gebied (provincie Nineveh) beoordeelde dan in het oorspronkelijke voornemen, zonder alle dragende overwegingen te vermelden. Dit is strijdig met het beleid zoals neergelegd in artikel 3.119 van het Vreemdelingenbesluit 2000.
Daarnaast werd geoordeeld dat de voorzieningenrechter ten onrechte het standpunt van de staatssecretaris dat het asielrelaas positieve overtuigingskracht ontbeerde, onvoldoende had gemotiveerd. Ook was er geen sprake van een zodanige verslechtering van de veiligheidssituatie in Nineveh dat het eerdere oordeel moest worden aangepast.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het besluit van 26 augustus 2009, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van 26 augustus 2009 tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens strijd met beleidsregels, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.