ECLI:NL:RVS:2009:BK5481
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- M.A.A. Mondt Schouten
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herhaalde aanvraag verblijfsvergunning asiel wegens verslechterde situatie vrouwen in DRC
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter die een eerdere afwijzing van een verblijfsvergunning asiel voor een vrouw uit de Democratische Republiek Congo (DRC) en haar minderjarig kind vernietigde. De staatssecretaris had de aanvraag van 4 maart 2009 afgewezen, gelijk aan een eerder besluit van 16 juni 2006.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden, namelijk een verslechterde situatie voor vrouwen in de DRC, zoals blijkt uit een ambtsbericht van juli 2008. Dit rechtvaardigde hernieuwde toetsing van de aanvraag. De staatssecretaris stelde dat het asielrelaas ongeloofwaardig was en dat geen nieuw feit was aangevoerd.
De Raad van State bevestigt dat de verslechterde situatie voor vrouwen in de DRC inderdaad een nieuw feit is dat kan afdoen aan het eerdere besluit en dat de staatssecretaris ten onrechte de aanvraag heeft afgewezen zonder dit te beoordelen. De klacht over gedeeltelijke amnesie van de vreemdeling wordt verworpen omdat dit niet aantoonde dat zij niet in staat was juiste verklaringen af te leggen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd, met vergoeding van proceskosten.