ECLI:NL:RVS:2009:BK5069
Raad van State
- Hoger beroep
- P.A. Offers
- Rechtspraak.nl
Weigering vrijstelling en bouwvergunning voor verbouwing bedrijfsunit opslag en verkoop consumentenvuurwerk
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad weigerde op 22 december 2006 een vrijstelling en bouwvergunning voor het verbouwen van een bedrijfsunit waar consumentenvuurwerk wordt opgeslagen en verkocht. Wederpartij maakte bezwaar en ging in beroep bij de rechtbank Haarlem, die het besluit vernietigde en het college opdroeg een nieuw besluit te nemen.
Het college stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat wederpartij gerechtvaardigde verwachtingen had omtrent de vergunningverlening. De Raad van State oordeelde dat het college niet concreet toezeggingen had gedaan die gerechtvaardigde verwachtingen konden wekken. De rechtbank had dit onvoldoende onderkend.
Hoewel het college het hoger beroep won, bleef het oordeel van de rechtbank dat de belangenafweging onvoldoende was gemotiveerd, in stand. Het college nam een nieuw besluit op bezwaar op 30 juli 2009, waarin het bezwaar van wederpartij opnieuw ongegrond werd verklaard. Het college baseerde dit op de Beleidsnota consumentenvuurwerk 2009, die een maximum van 10 verkooppunten in de gemeente vastlegt.
Wederpartij stelde dat de beleidsnota onzorgvuldig tot stand was gekomen en onredelijk was, maar dit werd door de Raad van State verworpen. De beleidsvrijheid van het college en de terughoudende toetsing door de rechter werden bevestigd. Het beroep van wederpartij tegen het besluit van 30 juli 2009 werd ongegrond verklaard.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep van het college gegrond en het beroep van wederpartij ongegrond, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van wederpartij tegen het besluit tot weigering van vrijstelling en bouwvergunning is ongegrond verklaard.