Uitspraak
200204528/1) geven deze bepalingen de mogelijkheid tot het verlenen van vrijstelling voor uitbreiding van of voor een bijgebouw bij woongebouwen in de bebouwde kom. Daarbij zijn, afgezien van de voorwaarde dat het aantal woningen gelijk blijft, geen restricties gesteld. De verleende vrijstelling ziet uitsluitend op de afwijking van het bestemmingsplan van de hoogte en oppervlakte van de bijgebouwen. Gelet hierop heeft de rechtbank met juistheid overwogen dat het college met toepassing van artikel 19, derde lid, van de WRO vrijstelling voor het bouwplan heeft kunnen verlenen.