Uitspraak
200505162/1), strekt legalisatie van een document slechts tot bevestiging van de formele echtheid ervan en biedt legalisatie geen uitsluitsel omtrent de juistheid van de inhoud van het document. In die uitspraak heeft de Afdeling, onder verwijzing naar haar uitspraak van 11 mei 2000, in zaak nr. 199900131/1 (AB 2000, 305), voorts herhaald dat negatieve ervaringen uit het verleden een benadering kunnen rechtvaardigen die uitgaat van twijfel aan de juistheid van de overgelegde documenten en overwogen dat intrekking van het beleid met betrekking tot de zogeheten probleemlanden geen aanleiding vormt voor een ander oordeel, omdat die intrekking niet is gebaseerd op gewijzigde inzichten of ervaringen met betrekking tot de betrouwbaarheid van documenten uit de betrokken landen. Anders dan [appellant] betoogt betekent de omstandigheid dat, na beëindiging van voormeld beleid met ingang van 8 september 2004, de geboorteakte in 2005 alsnog is gelegaliseerd, niet dat aan de inhoudelijke juistheid van die akte niet langer wordt getwijfeld.