ECLI:NL:RVS:2009:BJ5547
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving tegen opslag en compostering van groenafval in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland legde [appellant] twee lasten onder dwangsom op om het inzamelen, opslaan en composteren van groenafval van derden op zijn perceel te staken, omdat dit in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Buitengebied Duiveland". De rechtbank Middelburg verklaarde het beroep van [appellant] gegrond en vernietigde het collegebesluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
In hoger beroep betoogde [appellant] dat het composteren onderdeel was van normale agrarische bedrijfsvoering en dus niet strijdig met de bestemming. De Raad van State oordeelde dat compost geen agrarisch product is voortgebracht door telen of fokken, en dat het gebruik van groenafval van derden voor compostering het bedrijf geen agrarisch bedrijf maakt in de zin van het bestemmingsplan. Ook de omvang en ruimtelijke uitstraling van de compostering en het vrachtverkeer maakten het gebruik strijdig met de bestemming.
Verder verwierp de Raad van State het betoog van [appellant] dat het college een toezegging had gedaan dat handhaving niet zou plaatsvinden. Uit eerdere besluiten en communicatie bleek dat het college planologisch niet meewerkte aan compostering en dat er geen concrete toezeggingen waren gedaan. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het opslaan en composteren van groenafval van derden in strijd is met het bestemmingsplan en handhaving door het college gerechtvaardigd is.