ECLI:NL:RVS:2009:BJ3378
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- A.J. Soede
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid appellant bij bouwvergunning erfafscheiding
Het college van burgemeester en wethouders van Leek verleende een bouwvergunning voor het gedeeltelijk vergroten van een erfafscheiding op een perceel. Appellant, eigenaar van een nabijgelegen perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat hij als belanghebbende moest worden aangemerkt vanwege mogelijke overlast.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij niet als belanghebbende werd beschouwd. Appellant stelde dat de muur als geluidsscherm diende en dat zonder deze muur geen milieuvergunning verleend kon worden, waardoor hij wel degelijk belanghebbende zou zijn.
De Raad van State oordeelde dat appellant geen rechtstreeks belang heeft bij het bouwbesluit, omdat zijn perceel op aanzienlijke afstand ligt, met tussenliggende bebouwing en een wal, en hij geen zicht heeft op de muur. Zijn belang is vooral gericht op de milieuvergunning en de mogelijke overlast daarvan, wat een te ver verwijderd verband is met de bouwvergunning.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.