ECLI:NL:RVS:2009:BI1079
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W. Konijnenbelt
- C.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen parkeren bedrijfsvoertuig met aanhangwagen
Het college van burgemeester en wethouders van Beverwijk wees het verzoek van appellant af om handhavend op te treden tegen het parkeren van een bedrijfsvoertuig met aanhangwagen op de Koos Speenhofflaan. Appellant maakte bezwaar en ging in beroep bij de rechtbank Haarlem, die het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde appellant hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de uitleg en toepassing van artikel 13.5, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening 2006 van Beverwijk, dat het parkeren van bepaalde voertuigen langer dan drie dagen zonder wezenlijke tijdsonderbreking op de weg verbiedt. De rechtbank oordeelde dat niet aannemelijk was gemaakt dat de aanhangwagen uitsluitend of mede voor andere dan verkeersdoeleinden werd gebruikt en dat de aanhangwagen meestal niet aanwezig was tijdens controles.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het parkeerexcesverbod ook geldt voor aanhangwagens ongeacht het gebruik, mits deze langer dan drie dagen zonder wezenlijke onderbreking op de weg staan. Echter, appellant maakte niet aannemelijk dat de aanhangwagen langer dan drie dagen onafgebroken geparkeerd stond. Het feit dat de aanhangwagen dagelijks 's avonds werd geparkeerd na gebruik overdag, was onvoldoende voor een overtreding. Daarom bevestigde de Raad van State het oordeel van de rechtbank en het college dat geen handhavend optreden gerechtvaardigd was.
Uitkomst: Het verzoek tot handhaving tegen het langdurig parkeren van de aanhangwagen is terecht afgewezen omdat niet is vastgesteld dat deze langer dan drie dagen onafgebroken op de openbare weg stond.