Uitspraak
200801551/1) komt aan de eerdere afgifte van een VOG door de burgemeester bij de beoordeling van het voorliggende verzoek geen betekenis toe, aangezien de bevoegdheid tot de afgifte van de VOG thans ligt bij de minister en iedere aanvraag om een VOG op zijn eigen merites wordt beoordeeld. Daarbij geldt in dit geval dat de snelheidsovertredingen en de overtreding van het Arbeidstijdenbesluit vervoer zijn begaan na de afgifte van een VOG door de burgemeester, zodat aan deze afgifte geen betekenis kan worden gehecht. Het beroep van [appellant] op het vertrouwensbeginsel faalt derhalve.