Uitspraak
200405056/1), verschaft het overgangsrecht geen bouwvergunning vervangende titel en kan een bouwwerk daardoor evenmin anderszins gelegaliseerd worden.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer legde op 30 juli 2007 een last onder dwangsom op aan de wederpartij om een hekwerk, schuur, schutting en recreatiewoning op een perceel met agrarische bestemming te verwijderen. De voorzieningenrechter van de rechtbank Haarlem verklaarde het beroep van de wederpartij tegen dit besluit gegrond en vernietigde het handhavingsbesluit.
Het college stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de bouwwerken zonder vereiste bouwvergunning waren opgericht, wat handhavend optreden rechtvaardigt. Ook kon het overgangsrecht niet worden toegepast om de bouwwerken te legaliseren. Daarnaast was het college gerechtigd om ondanks lange tijd van niet-handhaven alsnog op te treden, zonder dat er sprake was van gewekt vertrouwen.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de wederpartij ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee werd bevestigd dat het college bevoegd was het handhavingsbesluit te handhaven en dat de bouwwerken verwijderd moeten worden.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit blijft in stand.