ECLI:NL:RVS:2009:BH1830
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- W. van Hardeveld
- Rechtspraak.nl
Weigering Verklaring Omtrent het Gedrag voor lidmaatschap schuttervereniging wegens bedreiging
Appellant verzocht om een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor het behoud van zijn lidmaatschap van de Schutter Vereniging Apeldoorn. De minister van Justitie weigerde de afgifte van de VOG op grond van een veroordeling in 2007 wegens bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. Deze weigering werd bevestigd in bezwaar en door de rechtbank.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de minister terecht het risicogebied "personen" uit het algemeen screeningsprofiel heeft toegepast, omdat lidmaatschap van de schuttervereniging inhoudt dat appellant wapens mag bezitten. Het strafbare feit vormt, indien herhaald, een belemmering voor een behoorlijke uitoefening van deze taak.
Appellant voerde aan dat het besluit onvoldoende gemotiveerd is en dat de minister niet voldoende heeft getoetst aan subjectieve criteria zoals recidivekans en omstandigheden van het strafbare feit. De Afdeling oordeelt echter dat de minister zorgvuldig heeft afgewogen, rekening houdend met de ernst van het feit, de leeftijd van appellant en eerdere justitiële contacten.
De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de VOG bevestigd.