ECLI:NL:RVS:2009:BH0757
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- C.H.M. van Altena
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens niet vastgestelde identiteit en geen bewijs binnenlands gewapend conflict
De vreemdeling heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel ingediend die door de staatssecretaris is afgewezen. De voorzieningenrechter heeft dit besluit bevestigd, waarna de vreemdeling hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betreft de identiteit van de vreemdeling en de vraag of hij afkomstig is uit een deel van Sri Lanka waar op het moment van het besluit een binnenlands gewapend conflict heerste, hetgeen relevant is voor de toepassing van artikel 15, aanhef en onder c, van richtlijn 2004/83/EG.
De Raad van State oordeelt dat de vreemdeling zijn identiteit niet aannemelijk heeft gemaakt, mede omdat de authenticiteit van de overgelegde documenten niet kon worden vastgesteld. Hierdoor kon ook niet worden uitgegaan van zijn verklaring dat hij uit het noorden van Sri Lanka afkomstig is. Omdat niet van algemene bekendheid is dat in alle delen van Sri Lanka een dergelijk conflict heerste, is de klacht dat de voorzieningenrechter dit niet heeft onderkend, ongegrond.
De Raad van State bevestigt daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaart het hoger beroep ongegrond. Tevens is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd wegens niet vastgestelde identiteit en geen bewijs van binnenlands gewapend conflict in het opgegeven gebied.