Uitspraak
200204703/1) moeten aan de ruimtelijke onderbouwing van een project zwaardere eisen worden gesteld, naarmate de inbreuk van dat project op het geldende planologische regime groter is. Anders dan het college betoogt, heeft de rechtbank terecht overwogen dat de inbreuk op het planologisch regime geen geringe is. Weliswaar is het project met de bouwvoorschriften van het bestemmingsplan in overeenstemming, maar met het realiseren daarvan vindt een zodanige wijziging van het gebruik en dientengevolge van de planologische uitstraling op en de gevolgen voor de omgeving plaats, dat van een geringe inbreuk geen sprake is. Het project voorziet in de huisvesting van maximaal 510 buitenlandse werknemers in 85 stacaravans. Anders dan het geval is bij recreatief gebruik van het perceel, dat doorgaans van korte duur is, oefent het aldaar permanent huisvesten van buitenlandse werknemers in een omvang als hier toegestaan, die, naar niet in geschil is, werkzaamheden verrichten in verscheidene plaatsen tot ver buiten de regio en daarheen dagelijks per touringcar en personenauto's worden vervoerd, grote druk uit op het gebied, onder meer door de verkeersaantrekkende werking die daarvan uit gaat.