ECLI:NL:RVS:2008:BD8341
Raad van State
- Hoger beroep
- D. Roemers
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Weigering Verklaring Omtrent het Gedrag voor taxichauffeur wegens geweldsdelicten
De minister van Justitie weigerde op 19 oktober 2006 de afgifte van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aan appellant, een taxichauffeur, vanwege onherroepelijke veroordelingen voor meerdere geweldsdelicten. Appellant had de VOG nodig voor de verlenging van zijn chauffeurspas. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat de minister terecht de VOG had geweigerd op grond van artikel 35, eerste lid, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg). De strafbare feiten, die recent en ernstig waren, vormen een risico voor de samenleving en staan een behoorlijke uitoefening van het beroep als taxichauffeur in de weg. De omstandigheid dat de feiten niet tijdens de uitoefening van het beroep zijn gepleegd, is niet doorslaggevend.
Appellant voerde aan dat hij tot een aparte groep plegers van huiselijk geweld behoort en geen gevaar vormt, en dat de weigering onevenredige gevolgen heeft. De Raad van State verwierp deze bezwaren en bevestigde dat de minister de strafrechterlijke beoordeling mocht volgen en dat het risico voor de samenleving zwaarder weegt dan de persoonlijke gevolgen voor appellant.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de VOG aan appellant vanwege zijn veroordelingen voor geweldsdelicten.