ECLI:NL:RVS:2008:BD6102
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- H. Borstlap
- W. Sorgdrager
- Rechtspraak.nl
Vernietiging vergunning spoorwegemplacement Kerkrade wegens onvoldoende milieubescherming
Het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade verleende op 22 mei 2007 aan ProRail een vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een spoorwegemplacement aan de Spoorstraat te Kerkrade. Tegen dit besluit stelde appellant beroep in bij de Raad van State.
Appellant voerde diverse bezwaren aan, waaronder het ontbreken van persoonlijke kennisgeving, het niet opnemen van het akoestisch rapport in de vergunning, het ontbreken van een milieueffectrapportage, onduidelijkheid over de vergunde activiteiten, onvoldoende bescherming tegen geluidbelasting en onzorgvuldige vaststelling van piekgeluidsnormen. Daarnaast werd bezwaar gemaakt tegen de termijn van drie jaar voor het vervallen van een geurvoorschrift.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college terecht geen persoonlijke kennisgeving hoefde te doen en dat het akoestisch rapport slechts indicatief was. Ook was geen milieueffectrapportage vereist. Wel werd geoordeeld dat het college onzorgvuldig was in de vaststelling van de geluidgrenswaarden voor de nachtperiode en onvoldoende had onderbouwd dat de piekgeluidsnormen toereikend waren. Tevens was het besluit onzorgvuldig ten aanzien van het vervallen van het geurvoorschrift na drie jaar.
Gezien het belang van geluid- en geuraspecten voor de milieubescherming vernietigde de Raad het gehele besluit. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot vergunningverlening voor het spoorwegemplacement wordt vernietigd vanwege onvoldoende milieubescherming en onzorgvuldige besluitvorming.