ECLI:NL:RVS:2008:BD3109
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling raad voor rechtsbijstand tot vergoeding proceskosten na vernietiging uitspraak rechtbank
De raad voor rechtsbijstand te 's-Gravenhage wees een verzoek van appellant om afgifte van een toevoeging af. Na afwijzing van bezwaar en herzieningsverzoek stelde appellant beroep in bij de rechtbank 's-Gravenhage, die het besluit van 5 oktober 2006 vernietigde maar de rechtsgevolgen in stand liet. De rechtbank veroordeelde de raad niet in de proceskosten vanwege de formele reden van vernietiging.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State, stellende dat de raad wel in de proceskosten veroordeeld diende te worden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat bij vernietiging van een besluit het bestuursorgaan in beginsel in de proceskosten moet worden veroordeeld, ook als de rechtsgevolgen in stand blijven.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het deel van de uitspraak waarin de proceskostenveroordeling ontbrak, en veroordeelde de raad tot vergoeding van de proceskosten van € 1.288,00 en het griffierecht van € 106,00 aan appellant. De uitspraak werd gedaan door lid S.F.M. Wortmann in aanwezigheid van ambtenaar van Staat P.A.M.J. Graat.
Uitkomst: De raad voor rechtsbijstand is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.