ECLI:NL:RVS:2008:BD2106
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling college Rotterdam tot vergoeding proceskosten en griffierecht bij nationaliteitswijziging
Appellant verzocht de gemeente Rotterdam om wijziging van zijn nationaliteit in de gemeentelijke basisadministratie van Marokkaans naar Nederlands. De directeur Publiekszaken wees dit verzoek bij brief van 19 juli 2006 af, wat werd bekrachtigd door het college bij brief van 6 september 2006 en besluit van 2 februari 2007. Appellant stelde beroep in bij de rechtbank Rotterdam, die het beroep gegrond verklaarde en het besluit vernietigde.
De rechtbank wees echter geen proceskostenvergoeding toe voor beroepsmatige rechtsbijstand en vergoedde het griffierecht niet. Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat de brief van 19 juli 2006 een besluit is in de zin van de Awb en dat de rechtbank ten onrechte geen proceskostenvergoeding toekende en het griffierecht niet vergoedde.
De Raad van State vernietigde het bestreden gedeelte van het vonnis en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten van €80,50 en het griffierecht van €141,00 aan appellant. Tevens bepaalde de Raad dat het griffierecht van €214,00 voor het hoger beroep door de Raad van State aan appellant wordt terugbetaald. Voor het overige werd de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant; de rest van de uitspraak is bevestigd.