ECLI:NL:RVS:2008:BC9727
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- M.G.J. Parkins de Vin
- M.A.A. Mondt Schouten
- Rechtspraak.nl
Vaststelling toepassing hardheidsclausule bij mvv-vereiste voor vrouwen die borstvoeding geven
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank die het bezwaar van een vreemdeling gegrond verklaarde tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. De afwijzing was gebaseerd op het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
De rechtbank had geoordeeld dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom het feit dat de vreemdeling borstvoeding geeft niet leidde tot toepassing van de hardheidsclausule, waardoor het mvv-vereiste buiten toepassing zou kunnen worden gelaten. De staatssecretaris stelde dat uit de uitlatingen van de minister tijdens een Kamerdebat niet kan worden afgeleid dat er een toezegging is gedaan voor een automatische vrijstelling voor vrouwen die borstvoeding geven.
De Raad van State bevestigde dat de hardheidsclausule discretionair en beperkt van aard is en dat de minister geen ondubbelzinnige en onvoorwaardelijke toezegging heeft gedaan om vrouwen die borstvoeding geven automatisch vrij te stellen van het mvv-vereiste. De uitspraak van de rechtbank werd daarom vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor een nieuwe behandeling met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor herbeoordeling.