ECLI:NL:RVS:2008:BC9055
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- W.D.M. van Diepenbeek
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen uitspraak over vergoeding planschade en besluitvorming gemeenteraad Zaanstad
De zaak betreft een verzoek van wederpartij om vergoeding van planschade als gevolg van een vrijstellingsbesluit en een nieuw bestemmingsplan. Na bezwaar tegen het uitblijven van een besluit verklaarde de gemeenteraad dit bezwaar gegrond, maar nam pas later een inhoudelijk besluit dat het verzoek afwees. De rechtbank Haarlem vernietigde het besluit van de gemeenteraad omdat het bezwaarbesluit niet tegelijkertijd een inhoudelijk besluit op het verzoek bevatte.
De gemeenteraad stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het bezwaar tegen het uitblijven van een besluit primair een procedureel middel is om het bestuursorgaan tot besluitvorming te bewegen. Het bestuursorgaan kan ook tijdens de bezwaarprocedure een inhoudelijk besluit nemen. In deze zaak was het inhoudelijke besluit genomen vóór de uitspraak van de rechtbank, maar was dit toen nog niet bekend.
De Afdeling oordeelde dat de gemeenteraad bevoegd was het bezwaar gegrond te verklaren zonder een nieuw inhoudelijk besluit te nemen, omdat het inhoudelijke besluit al genomen was. Daarmee was voldaan aan de last van de rechtbank. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van wederpartij ongegrond verklaard. De gemeenteraad moet nog wel een inhoudelijk besluit nemen op het bezwaar tegen het inhoudelijke besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep van de gemeenteraad wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van wederpartij ongegrond verklaard.