ECLI:NL:RVS:2008:BC9051
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening in bezwaar tegen bouwvergunning dakopbouw te Haarlem
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem had op 11 mei 2007 het bezwaar van wederpartijen tegen een bouwvergunning voor het plaatsen van een dakopbouw aan een locatie in Haarlem ongegrond verklaard. De rechtbank Haarlem verklaarde dit besluit op 19 december 2007 echter ongegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht aan het college om een nieuw besluit te nemen.
Het college stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om te bepalen dat het geen nieuw besluit hoefde te nemen zolang het hoger beroep loopt. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak behandelde dit verzoek op 27 maart 2008.
De voorzitter oordeelde dat het verzoek om voorlopige voorziening gegrond was, mede omdat de dakopbouw reeds was gerealiseerd en wederpartijen geen belangen hadden gesteld die zich tegen het verzoek verzetten. Daarom werd bepaald dat het college geen nieuw besluit hoeft te nemen voordat de Raad van State over het hoger beroep heeft beslist. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem hoeft geen nieuw besluit te nemen op het bezwaar totdat de Raad van State over het hoger beroep heeft beslist.