ECLI:NL:RVS:2008:BC8566
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- S.J.E. Horstink von Meyenfeldt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verblijfsvergunning asiel wegens niet-naleving samenwerkingsplicht
De vreemdeling heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel die door de staatssecretaris van Justitie is afgewezen. De voorzieningenrechter heeft dit besluit bevestigd en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde in hoger beroep dat de staatssecretaris gehouden was de besluitvorming aan te houden totdat hij de benodigde documenten ter vaststelling van zijn nationaliteit en identiteit zou verkrijgen.
De Raad van State overwoog dat artikel 4, eerste lid, van de Definitierichtlijn een samenwerkingsplicht bevat waarbij van de vreemdeling verwacht wordt dat hij alle elementen ter staving van zijn verzoek, waaronder documenten over identiteit, nationaliteit en reisroute, zo spoedig mogelijk indient. Indien deze documenten niet bij de aanvraag zijn overgelegd, moet de vreemdeling aannemelijk maken dat het ontbreken daarvan niet aan hem is toe te rekenen.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat het ontbreken van de documenten aan de vreemdeling kan worden toegerekend en dat de staatssecretaris niet verplicht was de besluitvorming aan te houden. De grief van de vreemdeling faalde en de aangevallen uitspraak werd bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de staatssecretaris niet verplicht was de besluitvorming aan te houden wegens het niet overleggen van documenten door de vreemdeling.