ECLI:NL:RVS:2008:BC7130
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- H. Troostwijk
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling duur en omstandigheden van overbrenging vreemdeling in vreemdelingenbewaring
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's Gravenhage die de opheffing van vreemdelingenbewaring van een vreemdeling had bevolen en schadevergoeding had toegekend.
De kern van het geschil is of de duur van de overbrenging van de vreemdeling, inclusief de nachtelijke opsluiting in een cel, terecht is meegerekend bij de totale overbrengingstijd. De vreemdeling was op 30 december 2007 aangehouden en vanwege drukte op de plaats van verhoor direct naar een andere locatie gebracht om de nacht door te brengen, waarna hij de volgende ochtend werd overgebracht naar een plaats bestemd voor verhoor.
De Raad van State oordeelt dat het opsluiten in een cel gedurende de nacht niet kan worden gerekend tot de overbrenging, omdat dit niet het gevolg was van het vervoer maar van de drukte op de plaats van verhoor. De rechtbank heeft dit terecht overwogen. Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.