ECLI:NL:RVS:2008:BC6412
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- C.W. Mouton
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering beginseltoestemming adoptie buitenlands kind wegens medische zorgweigering
Appellanten verzochten de minister van Justitie om toestemming (beginseltoestemming) voor de adoptie van een buitenlands kind. De minister weigerde dit verzoek in behandeling te nemen omdat appellanten aangaven geen toestemming te geven voor bloedtransfusies, welke volgens de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie (Wobka) tot de gangbare preventieve en curatieve behandelingen behoren.
De rechtbank Utrecht verklaarde het beroep van appellanten tegen deze weigering ongegrond. Appellanten stelden dat medische inzichten over bloedtransfusies zijn veranderd en dat er betere alternatieven zijn, maar konden dit niet met objectieve gegevens onderbouwen en erkenden dat bloedtransfusies nog steeds als gangbare medische behandeling gelden.
De Raad van State oordeelde dat de minister terecht het verzoek niet in behandeling heeft genomen omdat appellanten niet voldoen aan de dwingende vereisten van artikel 4 van Pro de Wobka. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de minister tot behandeling van het verzoek om beginseltoestemming bevestigd.