ECLI:NL:RVS:2008:BC4259
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- W. Konijnenbelt
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bouwvergunningen Watermolen te Leiden door college
Het college van burgemeester en wethouders van Leiden heeft bij besluiten van 22 december 2004 twee bouwvergunningen ingetrokken: een vergunning uit 1982 voor winkels met werkplaatsen en een bovenwoning, en een vergunning uit 2003 voor twaalf woningen en een parkeergarage. Het college verklaarde het bezwaar van appellanten tegen deze intrekkingen ongegrond. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van appellanten tegen deze besluiten eveneens ongegrond.
Appellanten stelden dat het bouwplan alsnog zou worden voltooid of dat er een aanvang zou worden gemaakt met de werkzaamheden, mede omdat de gemeente de benodigde grond niet tijdig beschikbaar stelde. De Raad van State oordeelde dat van de vergunningen slechts gedeeltelijk of geen gebruik was gemaakt en dat aannemelijk was dat niet op korte termijn met de bouwwerkzaamheden zou worden begonnen of voortgezet.
De Raad van State verwierp het betoog dat de gemeente verantwoordelijk was voor het uitblijven van overeenstemming over grondverwerving. Ook werd geoordeeld dat de brief van de gemeente geen toezegging inhield tot medewerking. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van de bouwvergunningen wegens het niet tijdig starten van bouwwerkzaamheden.