Uitspraak
200501171/1is een bijgebouw volgens de in de jurisprudentie ontwikkelde criteria een gebouw dat ondergeschikt is aan en ten dienste staat van een ander gebouw, het hoofdgebouw. De ondergeschiktheid geldt zowel in bouwkundig als in functioneel opzicht. Gelet op de geringe omvang van de onderhavige bergruimte ten opzichte van het woonhuis, het ontbreken van een directe doorgang naar het woonhuis en het gebruik volgens het bouwplan als bergruimte ten dienste van het woonhuis, moet de bergruimte worden aangemerkt als een bijgebouw in de zin van artikel 2, aanhef en onder b, van het Bblb. Volgens de bouwtekening heeft de bergruimte een oppervlakte van 8,1 m², zodat deze niet hoeft te worden gebouwd met inachtneming van een afstand van minstens één meter tot het naburig erf. Gelet hierop heeft de rechtbank terecht overwogen dat het bouwen van de bergruimte voldoet aan de in gelet op artikel 2, aanhef en onder b, van het Bblb vermelde kenmerken en derhalve is aan te merken als bouwen van beperkte betekenis. Het betoog van [appellant] dat de bergruimte niet is aan te merken als een vergunningsvrij bouwwerk faalt derhalve.