Uitspraak
200400798/1(AB 2004, 1044) behoeft bij de beoordeling of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid alleen rekening te worden gehouden met de toename van de parkeerbehoefte als gevolg van het realiseren van het bouwplan. Het college heeft dan ook geen rekening behoeven te houden met reeds bestaande parkeerproblemen. Het college heeft bij de berekening van de parkeerbehoefte aansluiting gezocht bij de "Aanbevelingen voor Verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom" uit 2004 van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek en aan de hand daarvan een parkeernorm per soort appartement vastgesteld. Geen grond bestaat voor het oordeel dat het college zich bij de berekening van het vereiste aantal parkeerplaatsen niet op deze aanbevelingen heeft mogen baseren. Op grond van de door het college gehanteerde parkeernormen per appartement zijn ten behoeve van de appartementen in totaal 36 parkeerplaatsen vereist, waarin het bouwplan voorziet.