AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen melding verandering inrichting ziekenhuis
Bij besluit van 25 juli 2007 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer een melding van het Lange Land Ziekenhuis geaccepteerd voor de tijdelijke plaatsing van portocabins als dialysecentrum op het parkeerterrein van het ziekenhuis aan de Toneellaan 1 te Zoetermeer.
Verzoekers maakten bezwaar tegen dit besluit en verzochten op 10 september 2007 om het treffen van een voorlopige voorziening. De zaak werd op 15 oktober 2007 behandeld waarbij zowel verweerder als het ziekenhuis werden gehoord.
De Voorzitter overwoog dat de melding voldeed aan de wettelijke criteria van artikel 8.19 van de Wet milieubeheer en dat er geen sprake was van onvolledigheid of procedurele onjuistheden. Bezwaren over strijd met afspraken met omwonenden en het bestemmingsplan werden niet relevant geacht omdat het bestuursorgaan alleen aan milieuregelgeving is gebonden in deze procedure.
De Voorzitter zag geen reden om aan te nemen dat het besluit onjuist was genomen en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de acceptatie van de melding voor tijdelijke plaatsing van portocabins bij het ziekenhuis is afgewezen.
Uitspraak
200706501/1
Datum uitspraak: 26 oktober 2007
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 vanPro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker] en anderen, wonend te [woonplaats],
en
het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 25 juli 2007 heeft verweerder een melding van 't Lange Land Ziekenhuis voor de verandering van de inrichting op het perceel Toneellaan 1 te Zoetermeer geaccepteerd.
Tegen dit besluit heeft verzoeker bezwaar gemaakt.
Bij brief van 10 september 2007, bij de Raad van State ingekomen op 10 september 2007, heeft verzoeker de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft de zaak ter zitting behandeld op 15 oktober 2007, waar verweerder, vertegenwoordigd door mr. S. Haak, advocaat te Den Haag, en [gemachtigde], is verschenen. Voorts is 't Lange Land Ziekenhuis, vertegenwoordigd door mr. M.H. Fleers, advocaat te Den Haag, en [gemachtigde], gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Ingevolge artikel 8.19, tweede lid, van de Wet milieubeheer geldt een voor een inrichting verleende vergunning tevens voor veranderingen van de inrichting of van de werking daarvan die niet in overeenstemming zijn met de voor de inrichting verleende vergunning of de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften, maar die niet leiden tot andere of grotere nadelige gevolgen voor het milieu dan die de inrichting ingevolge de vergunning en de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften mag veroorzaken, onder de voorwaarde dat:
a. deze veranderingen niet leiden tot een andere inrichting dan waarvoor vergunning is verleend;
b. het voornemen tot het uitvoeren van de verandering door de vergunninghouder schriftelijk overeenkomstig de krachtens het zevende lid, onder a, gestelde regels aan het bevoegd gezag is gemeld, en
c. het bevoegd gezag aan de vergunninghouder schriftelijk heeft verklaard dat de voorgenomen verandering voldoet aan de aanhef en onderdeel a en de verandering naar zijn oordeel geen aanleiding geeft tot toepassing van de artikelen 8.22, 8.23 of 8.25.
2.2. De melding betreft de plaatsing van portocabins ten behoeve van een tijdelijk dialysecentrum voor de periode van maximaal 5 jaar op het parkeerterrein van het ziekenhuis op het perceel Toneellaan 1 te Zoetermeer.
2.3. Verzoekers hebben beoogd, dat de aanvraag onvolledig is en de gevolgde procedure onjuist is.
De Voorzitter is niet gebleken tekortkomingen in de melding of gebreken in de gevolgde procedure.
2.4. Verder hebben verzoekers beoogd dat het bestreden besluit in strijd is met gemaakte afspraken en gewekte verwachtingen naar omwonenden.
De Voorzitter stelt vast dat verweerder in het licht van het wettelijk kader gehouden is een besluit te nemen naar aanleiding van de melding. Bij het nemen van het besluit dient te worden getoetst aan bovenstaande wettelijke criteria. Hierbij is geen sprake van toetsing aan eventuele gemaakte afspraken en gewekte verwachtingen naar omwonenden in de door verzoekers bedoelde zin.
2.5. Vervolgens hebben verzoekers betoogd dat de aanwezigheid van de inrichting zich niet verdraagt met het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Deze grond heeft geen betrekking op het belang van de bescherming van het milieu in de zin van artikel 8.10 van de Wet milieubeheer en kan reeds om die reden geen rol spelen in deze procedure.
2.6. Voorts hebben verzoekers gesteld dat het bestreden besluit in strijd is met wet- en regelgeving.
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting ziet de Voorzitter geen grond om ervan uit te gaan, dat verweerder in aanmerking genomen de wettelijke criteria de melding op onjuiste gronden heeft geaccepteerd. Overigens is ter zitting gebleken dat 't Lange Land Ziekenhuis op 23 augustus 2007 een melding voor een wijziging van de locatie van de onderhavige portocabins heeft ingediend.
2.7. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.A. Melse, ambtenaar van Staat.