Uitspraak
200300554/1, nr.
200205327/1en nr.
200304130/1, gedeeltelijk vernietigd.
200410026/1, 200410027/1 en 200410028/1, vernietigd.
Raad van State
De gemeenteraad van Heemskerk, Beverwijk en Velsen stelde afzonderlijk het bestemmingsplan Westelijke Randweg vast, dat de aanleg van een randweg mogelijk maakt. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland keurde deze plannen goed, waarna de Vereniging Westerhout Blijft beroep instelde tegen deze besluiten.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in eerdere uitspraken delen van de goedkeuring vernietigd, waarna hernieuwde besluiten zijn genomen. Het beroep richt zich onder meer op de noodzaak van de randweg, de milieueffecten, en de aanwezigheid van beschermde diersoorten zoals vleermuizen en zandhagedissen.
De Raad overweegt dat de aanleg van de randweg een zwaarwegend openbaar belang dient en dat de onderzoeken naar flora en fauna, inclusief aanvullende rapporten en een ontheffing van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, voldoende onderbouwing bieden. De door appellante aangevoerde nieuwe feiten en rapporten overtuigen niet van het tegendeel.
Er is geen aanleiding om te twijfelen aan de zorgvuldigheid van het besluitvormingsproces of de rechtmatigheid van de besluiten. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de goedkeuring van het bestemmingsplan Westelijke Randweg wordt ongegrond verklaard.