ECLI:NL:RVS:2007:BB5237
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete voor illegale tewerkstelling zonder vergunning
De zaak betreft een bestuurlijke boete opgelegd aan een vennootschap onder firma wegens het zonder tewerkstellingsvergunning laten verrichten van arbeid door twee vreemdelingen. De staatssecretaris legde een boete van €16.000 op, welke door de rechtbank werd bevestigd. Appellante voerde aan dat zij alles had gedaan om een legaal dienstverband te waarborgen en dat de verwijtbaarheid ontbrak.
De Raad van State overwoog dat de vennootschap niet aannemelijk had gemaakt dat zij de maximale zorg had betracht om overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen te voorkomen. Uit verklaringen bleek dat een vennoot op de hoogte was van het illegale karakter van de tewerkstelling, ondanks het gebruik van een tolk. Het feit dat de werknemer was aangemeld bij de Belastingdienst en het UWV en premies waren afgedragen, deed hieraan niet af.
Ook voor de tweede werknemer, die kort voor de controle was aangenomen en nog niet over de benodigde documenten beschikte, werd het risico van overtreding aan de werkgever toegerekend. De Raad van State verwierp het hoger beroep en bevestigde de boete. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €16.000 wegens illegale tewerkstelling zonder vergunning.