ECLI:NL:RVS:2007:BB0924
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- P.A. Offers
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid inbewaringstelling vreemdeling ondanks ontbrekende mededeling
Appellant werd in vreemdelingenbewaring gesteld en voerde aan dat hem niet de mededeling was gedaan dat hij na detentie naar een plaats voor verhoor zou worden overgebracht, zoals voorgeschreven in de Vreemdelingencirculaire 2000.
De rechtbank had geoordeeld dat het ontbreken van deze mededeling niet tot onrechtmatigheid van de inbewaringstelling leidde, omdat de belangen van de staat in redelijke verhouding stonden tot het gebrek. De Raad van State bevestigde dit oordeel en wees het hoger beroep af.
De Afdeling benadrukte dat appellant geen identiteitspapier had, geen vaste verblijfplaats, zich niet aan de vertrektermijn had gehouden, veroordeeld was voor een misdrijf, verdacht werd van een misdrijf en zich niet had aangemeld bij de korpschef. Hierdoor was de inbewaringstelling gerechtvaardigd.
Ook het ontbreken van een staandehouding voorafgaand aan de overbrenging werd niet als onrechtmatig beoordeeld, aangezien appellant feitelijk al in hechtenis was en zijn identiteit bekend was.
Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de inbewaringstelling wordt als rechtmatig bevestigd.