ECLI:NL:RVS:2007:BA9881
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- P.A. Offers
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering beslissing op aanvraag verblijfsvergunning regulier
De vreemdeling heeft in brieven van 27 juni 2003 en 29 augustus 2003 niet alleen asielgerelateerde gronden aangevoerd, maar ook een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd. De rechtbank had deze brieven terecht aangemerkt als een aanvraag en de reactie van de minister als een met een besluit gelijk te stellen weigering om op die aanvraag te beslissen.
De Minister van Justitie stelde dat de brieven geen reguliere aanvraag bevatten en dat de reactie van 13 oktober 2005 daarom geen weigering was. De Raad van State oordeelde echter dat de minister dit standpunt niet kon handhaven en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
De rechtbank had het bezwaar van de vreemdeling tegen de niet-ontvankelijkverklaring van zijn bezwaar gegrond verklaard en het besluit vernietigd. De Raad van State bevestigt deze uitspraak en veroordeelt de Staatssecretaris van Justitie tot vergoeding van de proceskosten van €322,00, toe te rekenen aan rechtsbijstand door een derde.
De uitspraak werd gedaan op 5 juli 2007 door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Minister van Justitie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.