ECLI:NL:RVS:2007:BA7101
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- C.J.M. Schuyt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang opslag en verkoop bestratingsmaterialen gemeente Midden-Drenthe
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe heeft appellant bij besluit van 19 december 2003 en later bij besluit van 22 juli 2004 onder bestuursdwang gelast de opslag en verkoop van bestratingsmaterialen te staken en een stacaravan te verwijderen op een perceel in Midden-Drenthe. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Assen verklaarde het beroep van appellant tegen het besluit van 22 juli 2004 eveneens ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het geschil over het besluit tot bestuursdwang een ander geschil betreft dan het eerdere besluit tot oplegging van een last onder dwangsom, zodat de eerdere uitspraak geen rechtskracht heeft voor dit besluit. De Afdeling stelde vast dat het college ten tijde van het besluit van 22 juli 2004 niet bevoegd was handhavend op te treden omdat de opslag en verkoop van bestratingsmaterialen onder overgangsrecht viel van het bestemmingsplan "Buitengebied 1985" dat onherroepelijk was geworden in 1992.
De motivering van het college was ontoereikend omdat het niet aannemelijk was dat de activiteiten na 1991 in de huidige omvang plaatsvonden, maar dat betekent niet dat het gebruik niet onder het overgangsrecht viel. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en bepaalde dat het college een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot bestuursdwang van het college van burgemeester en wethouders van Midden-Drenthe wordt vernietigd en het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard.