ECLI:NL:RVS:2007:BA5240
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- A.W.M. Bijloos
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering toelating gehandicapte leerling tot regulier voortgezet onderwijs
Appellanten hebben bezwaar gemaakt tegen de weigering van het dagelijks bestuur van het stadsdeel Osdorp om hun dochter toe te laten tot het Calandlyceum, een reguliere school voor voortgezet onderwijs. De rector had reeds in april 2005 medegedeeld dat toelating niet mogelijk was. Het bezwaar werd door het dagelijks bestuur ongegrond verklaard en de rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellanten ongegrond.
De Raad van State overwoog dat de keuzevrijheid van ouders voor plaatsing op een reguliere school beperkt kan worden door de aard en zwaarte van de handicap van de leerling en de draagkracht van de school. De leerling was vanwege haar handicap niet in staat het onderwijsprogramma van het Calandlyceum te volgen en een diploma te behalen, ook niet met inzet van leerlinggebonden financiering (LGF). Dit vormde een gegronde pedagogisch-didactische reden om toelating te weigeren.
Appellanten voerden aan dat hun dochter ondanks haar handicap geschikt zou zijn voor het onderwijs en dat het ontbreken van beleid ten aanzien van LGF-leerlingen in het schoolplan een gunstige beslissing zou rechtvaardigen. De Raad van State verwierp deze stellingen en bevestigde dat het dagelijks bestuur terecht een discretionaire bevoegdheid had uitgeoefend om toelating te weigeren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van toelating van de leerling tot het Calandlyceum wegens pedagogisch-didactische bezwaren en draagkracht van de school.