ECLI:NL:RVS:2007:BA1697
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- W. van den Brink
- S.J.E. Horstink-von Meyenfeldt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering vrijstelling en vergunning voor bedrijfswoning op bedrijventerrein
Het college van burgemeester en wethouders van Zuidhorn weigerde op 22 juni 2004 aan appellant vrijstelling en vergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning op bedrijventerrein De Rietlanden III te verlenen. Het bestemmingsplan stond bedrijfswoningen niet toe, tenzij het college vrijstelling verleende mits de aanwezigheid van de woning de vestigingsmogelijkheden van bedrijven niet beperkt. De rechtbank Groningen verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde dat de rechtbank ten onrechte ook uitbreidingsmogelijkheden van bedrijven onder de vestigingsmogelijkheden begreep en dat de afstandsnormen uit de "Staat van bedrijven" niet op bedrijfswoningen van toepassing zijn. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht ook uitbreidingsmogelijkheden meerekende, maar dat de afstandsnormen in de toelichting van het bestemmingsplan alleen betrekking hebben op woonwijken en niet op bedrijfswoningen op het bedrijventerrein.
Hierdoor was het college op onjuiste gronden van mening dat de bedrijfswoning de vestigingsmogelijkheden van bedrijven beperkte. De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college wordt vernietigd, waarbij appellant recht krijgt op vergoeding van proceskosten en griffierecht.