ECLI:NL:RVS:2006:AZ5194
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.K.W. Bartel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering bouwvergunning en vrijstelling voor kas in agrarisch gebied
Het college van burgemeester en wethouders van Haaren weigerde op 14 december 2004 een bouwvergunning en vrijstelling voor het oprichten van een kas op een perceel met de bestemming agrarisch gebied, omdat het bouwplan niet binnen het bestemmingsplan paste. Appellant stelde bezwaar en beroep in tegen deze weigering, waarbij de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep richtte appellant zich uitsluitend op de wijzigingsbevoegdheid in artikel 8.6.2 van het bestemmingsplan.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de overwegingen van het college over de wijzigingsbevoegdheid in het besluit van 14 december 2004 niet als een besluit met rechtsgevolg kunnen worden aangemerkt. Het besluit van 28 april 2005, waarin het college het verzoek tot vaststelling van een wijzigingsplan afwees, is een primair besluit waartegen eerst bezwaar had moeten worden gemaakt voordat beroep kon worden ingesteld.
De rechtbank had het beroep door moeten zenden aan het college voor behandeling als bezwaarschrift, maar heeft dit nagelaten. Daarom wordt de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Het beroepschrift wordt doorgezonden als bezwaarschrift. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan appellant.
Deze uitspraak benadrukt het belang van de juiste procedure bij besluiten over wijzigingsbevoegdheden binnen bestemmingsplannen en bevestigt dat de rechter een beroep niet-ontvankelijk moet verklaren indien een bezwaarprocedure is voorgeschreven en niet is gevolgd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een voorafgaand bezwaarschrift en het beroepschrift wordt als bezwaarschrift doorgezonden.